‘Neem je telefoon op!’
‘Waar ga je heen?!’
Maar ik reageerde niet. In plaats daarvan nipte ik aan mijn koffie bij de gate en keek hoe de berichten zich opstapelden. Vlak voor het instappen typte ik nog één laatste antwoord:
“Ik hou van je. Ik hoop dat je het begrijpt.”
Toen haalde ik diep adem en zette mijn telefoon uit.
Stilte. Vrede.
Toen ik in Rome uit het vliegtuig stapte, overspoelde een golf van vrijheid me. Zeven dagen lang verloor ik mezelf in schoonheid, gelach en avontuur. Niet koken. Geen was. Niemand had iets van me nodig. Ik heb mijn telefoon geen moment gecheckt. Welke storm Tom thuis ook doormaakte, die kon wel even wachten.
Dit was mijn tijd.