Hij raakt de draad van gesprekken kwijt.
Hij lijkt met zijn gedachten ergens anders te zijn.
Die afwezigheid van concentratie is geen toeval.
5. Verandert hun routine
. Nieuwe activiteiten of excuses duiken op:
Andere schema’s
, onverwachte uitstapjes
, meer tijd buitenshuis.
Soms zijn het subtiele veranderingen, maar ze herhalen zich wel.
6. Vergelijkingen maken zonder het zelf te beseffen.
Je kunt indirecte opmerkingen gaan maken:
‘Ze is rustiger…’
‘Andere mensen vinden dat niet erg…’
Ze noemt niet altijd iemand direct bij naam, maar de vergelijking is er wel.
7. Wordt kritischer of afstandelijker.