‘Vergeet dat feest maar. Dat geld gaat naar mijn ouders,’ siste Abigail.
Ik knikte langzaam.
Het was geen berusting. Het was de ijzingwekkende duidelijkheid dat woorden officieel alle waarde hadden verloren. Toen trilde mijn telefoon in mijn handpalm.
“We zijn er klaar voor, baas. De overnamedocumenten hoeven alleen nog maar door u ondertekend te worden.”
Dat was precies het moment waarop mijn zoon me voor het eerst in jaren echt aankeek.