Een deel van mij wist dat ik te veel aan het nadenken was, maar de vraag bleef hangen als een onopgelost raadsel.
Toen ze terugkwamen, bedankte ik hen en vroeg, voorzichtig nieuwsgierig, naar de folie. Ze glimlachten en legden uit: het was hun simpele manier om te controleren of iemand de deur had aangeraakt terwijl ze weg waren.
Als de folie gescheurd of verschoven was geweest, zou dat betekenen dat iemand had geprobeerd binnen te komen. Omdat de folie intact was, waren ze gerustgesteld dat hun huis veilig was.
Hun uitleg zorgde ervoor dat alles op zijn plaats viel. Die vreemde, ogenschijnlijk zinloze taak had hen daadwerkelijk gemoedsrust gegeven.