Na een operatie moet je bepaalde voedingsmiddelen vermijden, zoals vetrijke producten als reuzel, boter, spekvet, worstjes, salami, bewerkte bakwaren en varkensvlees. Ook suikerhoudende producten en cafeïne moeten worden vermeden.
De meeste mensen hervatten hun werk en dagelijkse activiteiten binnen twee weken tot een maand na een galblaasverwijderingsoperatie.
Enkele aandoeningen die na deze operatie kunnen optreden zijn:
1. Refluxgastritis
Na een galblaasverwijdering wordt de gal zwakker en minder geconcentreerd. Het eten van zware of vette maaltijden kan leiden tot een opgeblazen gevoel, diarree en zelfs galreflux, wat refluxgastritis kan veroorzaken.
2. Darmkanker
Het verwijderen van de galblaas verhoogt de aanmaak van secundaire galzuren, die de dikke darm kunnen irriteren en het risico op darmkanker kunnen verhogen. Onderzoek toont aan dat mensen zonder galblaas een iets grotere kans hebben om darmkanker te ontwikkelen, daarom moet een operatie als laatste redmiddel worden overwogen.
