DE LERAAR DIE HET OPMERKTE
Mevrouw Grennan heeft me nooit in verlegenheid gebracht.
Ze stelde nooit vragen waar anderen bij waren.
Op een middag legde ze zomaar een klein mueslireepje op mijn bureau en zei: « Misschien heb je dit later nog nodig. »
De volgende dag waren het crackers.
En dan het fruit.
Vervolgens, langzaam, complete sandwiches, verpakt in servetten.
Ze maakte er nooit een spektakel van.
Ze maakte het normaal.
Alsof vriendelijkheid gewoon een van de schoolbenodigdheden was.
Voor het eerst zag ik niet op tegen de lunch.
DE MAANDAG DAT ZE VERDWEEN
Toen, op een maandag, was ze er niet meer.
Geen aankondiging.
Geen afscheid.
Een leeg klaslokaal en een invaller die mijn naam niet kende.
Ik heb wekenlang gewacht, ervan overtuigd dat ze met diezelfde kalme glimlach weer binnen zou komen.
Dat heeft ze nooit gedaan.
Niemand gaf uitleg.
Maar de afwezigheid bleef me bij.
Lang nadat de honger was gestaakt.