Ik keek op – en daar stond hij.
Jim, nog steeds in zijn dikke werkjas, met smeltende sneeuw op zijn schouders, klapte alsof hij zijn hele leven had gewacht om mij op dat podium te zien. Zijn glimlach was breed, trots en volkomen ongeremd. Hij stak zijn duim omhoog en op dat moment kalmeerde er iets in me. Het was alsof iemand fluisterde: « Je bent niet alleen. Je kunt dit. »
Ik haalde diep adem en zong mijn solo van begin tot eind.