Op papier leek het allemaal logisch. Geen eenzaamheid meer, geen dagelijkse zorgen meer, een geruststellende aanwezigheid op elk uur van de dag… Verhuizen naar een verzorgingstehuis leek een redelijke, bijna voor de hand liggende beslissing. Maar zodra de koffers waren uitgepakt en de deuren dichtgingen, bleek de realiteit heel anders dan ik me had voorgesteld. Niet dramatisch, nee, maar wel diep verontrustend. Dit zijn de waarheden die ik graag had geweten voordat ik deze keuze maakte, de waarheden die zelden worden besproken tijdens rondleidingen met smetteloze muren.
Het verlies van onafhankelijkheid vindt zonder veel ophef plaats.

In eerste instantie is er een gevoel van opluchting. Geen koken, schoonmaken of omgaan met onverwachte gebeurtenissen meer. Dan, ongemerkt, nemen we de beslissingen niet meer echt zelf in de hand. Vastgelegde schema’s bepalen het ritme van de dagen, menu’s zijn vooraf bepaald en uitjes zijn gestructureerd. Wat eerst comfort leek, verandert geleidelijk in een stille afhankelijkheid. De kleine gebaren die betekenis gaven aan het dagelijks leven – koffiezetten, planten water geven, plannen maken – verdwijnen bijna ongemerkt. Vaak is het op dit punt dat de vraag naar het verlies van vrijheid in een verzorgingstehuis opkomt.