DE VLIEGTUIG
De volgende ochtend brachten ze haar naar de internationale luchthaven Benito Juárez.
Teresa liep langzaam, met grote ogen, alles in zich opnemend.
‘Ga ik echt in een vliegtuig stappen?’ vroeg ze nerveus.
‘Je stapt niet zomaar aan boord,’ zei Marco. ‘Je bent onze eregast.’
Toen iedereen eenmaal zat, klonk Marco’s stem door de intercom in de cabine.
« Dames en heren, vandaag hebben we een heel bijzonder iemand aan boord. De vrouw die alles verkocht zodat haar zonen een luchtvaartopleiding konden volgen. Onze moeder. »
Er viel een diepe stilte in het vliegtuig.
Paolo vervolgde, met een trillende stem.
“De dapperste vrouw die we kennen is niet beroemd. Ze is niet rijk. Ze is een moeder die in ons geloofde toen we niets hadden.”
Er brak een daverend applaus uit.
Sommige passagiers veegden de tranen uit hun ogen.
Teresa klemde zich vast aan de armleuning toen het vliegtuig opsteeg van de landingsbaan.
Toen de wielen de grond verlieten, sloot ze haar ogen.
‘Ik vlieg,’ fluisterde ze.
Maar de bestemming was meer dan alleen een vlucht.
Het was een belofte die in vervulling ging.