5. Laat gedachten voorbijgaan zonder je ermee bezig te houden.
Om 3 uur ‘s nachts voelen gedachten zwaarder aan dan ze zijn. Problemen lijken groter, spijtgevoelens luider, angsten overtuigender. Dit is geen helderheid, maar nachtelijke chemische reacties.
In plaats van met je gedachten te discussiëren, kun je ze beter even opzij leggen tot morgen. Je kunt dan in stilte zeggen:
« Niet nu. Ik kijk er morgen wel naar. »
De meeste problemen voelen in daglicht heel anders aan.
6. Stel je verwachtingen voor de volgende dag bij – op een voorzichtige manier.

Ook als je niet meteen weer in slaap valt, kun je nog steeds goed functioneren. Onderzoek toont aan dat de angst voor een slechte nachtrust vaak meer vermoeidheid veroorzaakt dan het slaaptekort zelf.
De volgende dag:
- Eet voedzame maaltijden.
- Kom in beweging of maak een korte wandeling.
- Vermijd overmatige cafeïne.
- Doe het rustig aan met je tempo.
- Veel mensen ontdekken dat ze beter presteren dan verwacht.