De hersenen staan niet stil tijdens de slaap; integendeel, ze zijn juist heel actief en wisselen af tussen verschillende slaapfasen: REM en non-REM.
Tijdens de REM-slaap, de fase waarin de meest levendige dromen voorkomen, ontspannen de spieren in het lichaam zich nog meer. Hoewel de speekselproductie dan afneemt, neemt het risico op speekselverlies toe door de extreme ontspanning van de mondspieren. Deze combinatie maakt kwijlen tijdens deze fase vrij gebruikelijk en vaak onvermijdelijk. De hersenen zijn zich weliswaar bewust van interne speekselsignalen, maar kunnen tijdens de diepe slaap niet ingrijpen, waardoor speekselverlies ongemerkt plaatsvindt.
Er zijn fysieke en gezondheidsfactoren die ervoor kunnen zorgen dat sommige mensen meer kwijlen dan anderen. Een verstopte neus is een klassiek voorbeeld: wanneer we moeite hebben met ademhalen door de neus, heeft het lichaam de neiging om door de mond te ademen, waardoor speeksel gemakkelijker weglekt. Ook bepaalde medicijnen en medische aandoeningen die de speekselproductie, het slikken of de spiercoördinatie beïnvloeden, kunnen de kans op kwijlen vergroten.