Waarom de klachten zo op elkaar lijken
Je lichaam werkt met zenuwen die signalen doorgeven aan je hersenen. Als er ergens pijn ontstaat, sturen die zenuwen een melding naar je brein. Alleen zijn die meldingen niet altijd heel precies.
Je hart en je slokdarm liggen dicht bij elkaar, vlak achter je borstbeen. Wanneer je last hebt van brandend maagzuur, stroomt er maagzuur terug in je slokdarm. Dat kan de wand van je slokdarm irriteren. Die irritatie geeft een pijnsignaal af.
Omdat de slokdarm en het hart zo dicht bij elkaar liggen, kan je brein het signaal verkeerd interpreteren. Het voelt dan alsof de pijn van je hart komt, terwijl het eigenlijk uit je slokdarm komt.
Andersom kan ook. Hartklachten worden soms gevoeld als een brandend of drukkend gevoel, wat mensen doet denken aan maagzuur. Die overlap zorgt voor veel onzekerheid.
Daar komt nog bij dat stress een rol kan spelen. Als je schrikt van de pijn, gaat je hart sneller kloppen. Je kunt gaan zweten of je duizelig voelen. Dat versterkt de angst en maakt het moeilijker om helder na te denken.