Een eenvoudige, maar doorslaggevende keuze.

“Kom binnen. Het is koud.”
De woorden kwamen eruit voordat ik ze echt kon analyseren. Hij aarzelde, wantrouwend, en volgde me toen. In de keuken maakte ik soep en een warm broodje voor hem. Niets bijzonders. Gewoon een normale maaltijd.
Hij at eerst langzaam, daarna met een bijna pijnlijke urgentie. Alsof zijn lichaam zich herinnerde hoe het voelde om goed gevoed te worden. Toen hij klaar was, zei hij simpelweg: “Dank u wel.”
En dat bedankje had een grote betekenis.