2. De angst dat « dit misschien mijn laatste kans is ».
Wanneer iemand in de twintig een relatiebreuk meemaakt, krabbelt diegene meestal weer op met het geloof dat het leven vol mogelijkheden zit. Maar op je zestigste voelt liefdesverdriet zwaarder. Velen vrezen dat als een relatie op deze leeftijd strandt, ze misschien nooit meer de liefde zullen vinden.
Deze denkwijze kan ertoe leiden dat mensen bij iemand blijven die niet bij hen past.
De angst dat de tijd opraakt, kan ervoor zorgen dat je waarschuwingssignalen over het hoofd ziet, overhaast verplichtingen aangaat of iemand idealiseert die je nauwelijks kent. En telkens wanneer je jezelf wijsmaakt dat dit je « enige kans » is, neem je uiteindelijk genoegen met veel minder dan je werkelijk verdient.