Risicofactoren voor blaaskanker
Sommige factoren kunnen worden aangepast, andere niet. De belangrijkste zijn:
-
Roken: de belangrijkste risicofactor; giftige stoffen uit sigaretten worden door de nieren gefilterd en hopen zich op in de blaas.
-
Familiegeschiedenis: verhoogt het risico door genetische aanleg of gedeelde blootstelling aan omgevingsfactoren.
-
Blootstelling aan chemicaliën, zoals aromatische aminen die voorkomen in kleurstoffen, rubber en verf.
-
Medicijnen: sommige, zoals cyclofosfamide, kunnen mutaties in het DNA van de blaas veroorzaken.
-
Radiotherapie: met name in het bekkengebied.
-
Genetische mutaties: bijvoorbeeld in de FGFR3- of TP53-genen.
-
Verontreinigd water: met name met arseen.
-
Leeftijd: het risico neemt toe met de leeftijd.
-
Geslacht: mannen lopen een groter risico dan vrouwen.
-
Schistosomiasis: een parasiet die chronische ontsteking van de blaas veroorzaakt.
-
Langdurig gebruik van katheters.
-
Terugkerende urineweginfecties.
-
Blaasstenen: chronische irritatie van de blaaswand verhoogt het risico op celmutaties.