Tinnitus – het waarnemen van geluid (zoals rinkelen, zoemen, fluiten, brommen of sissen) zonder dat er een externe geluidsbron is – is veel meer dan “iets in het oor”. In veel gevallen heeft tinnitus te maken met hoe het gehoorsysteem en de hersenen samen geluid verwerken, interpreteren en prioriteren. Het kan één oor of beide oren treffen, het kan constant aanwezig zijn of in golven terugkomen, en de intensiteit kan variëren van licht hinderlijk tot ernstig invaliderend.
Wat tinnitus zo ingrijpend maakt, is dat het geluid zelf niet altijd het grootste probleem is. De echte impact ontstaat vaak doordat de hersenen het signaal blijven opmerken, er betekenis aan geven, en het na verloop van tijd zelfs als “belangrijk” kunnen bestempelen. Daardoor wordt tinnitus niet alleen een auditieve ervaring, maar ook een ervaring die raakt aan aandacht, emoties, stress, slaap en dagelijkse functies.
Wat is tinnitus precies?
Tinnitus is een symptoom en geen ziekte op zichzelf. Dat betekent dat het verschillende oorzaken kan hebben. Het “geluid” dat men hoort is geen echt geluid van buitenaf, maar een vorm van fantoomwaarneming: de hersenen nemen iets waar dat niet door een externe bron wordt veroorzaakt.
Mensen beschrijven tinnitus op verschillende manieren:
-
een hoge pieptoon of fluittoon
-
een rinkelend of belachtig geluid
-
een sissend geluid zoals stoom
-
een zoem of bromtoon
-
pulserend geluid dat op het ritme van de hartslag lijkt (soms “pulserende tinnitus” genoemd)
Belangrijk is dat tinnitus niet altijd hetzelfde aanvoelt. Het kan veranderen door: